We hebben 253 gasten en geen leden online

 

Aanwijzingen voor de lectoren in de Dorpskerk  

 

 

in het kort op een rijtje

 

                             Kijk voor rooster op de site

                             Kijk in je mail voor teksten

                             voorganger begroeten voor de dienst

                             microfoon aanzetten

                             aankondigen welke lezing en het lied na de lezing

                             na lezing microfoon uitzetten

 

 

gelukkig is wie dit voorleest….” (Openbaringen 1: 3)

Wij vertrouwen de wekelijkse Schriftlezing toe aan gemeenteleden, omdat het Woord aan de gemeente is gegeven,

                              om gestalte te geven aan deelname van de gemeente aan de eredienst,

                             om de Schriftlezing als liturgisch onderdeel te markeren.

 

 

wanneer je mag lezen en hoe krijg je van te voren informatie

  1. de roosteraar maakt een overzicht van alle vrijwilligers met adres, telefoonnummer en mailadres, dit ontvang je per mail
  2. de roosteraar zet het rooster op de site en stuurt je daarover een mail
  3. als je wilt ruilen moet je dat zelf doen
  4. de predikant van de Dorpskerk geeft de donderdag van te voren door welke teksten en je moet lezen
  5. De inroostervrijwilliger geeft de teksten van gastpredikanten door

 

voorbereiding

  1. lees thuis de tekst minstens tweemaal hardop voor. Voorkom daarmee dat je struikelt over onbekende namen en woorden. Het is hoorbaar voor de luisteraars als je niet geoefend hebt
  2. probeer de betekenis van de tekst te begrijpen en deze te zien binnen de orde van dienst, probeer te begrijpen wat de boodschap van de tekst is
  3. lees het hoofdstuk ervoor en erna, dan weet je in welke context de tekst gedeelte staat
  4. en vooral: probeer je te richten op God, door voor jezelf een gebed uit te spreken: “ Vader in de Hemel, help me om me voor U open te stellen nu ik de lezingen voorbereid”.

 

in de kerk

  1. kom 20 tot 30 minuten voor de dienst en begroet in de consistorie de voorganger, zodat deze weet dat de lector er is. Stel een gastpredikant jezelf even voor.
  2. sta rustig en stevig achter de tafel bij de microfoon. Zet deze aan, kijk de mensen even aan
  3. kondig de lezing aan met het na de lezing te zingen lied, geef de gemeente de gelegenheid de tekst op te zoeken
  4. luister goed of je je stem vanuit de kerk duidelijk verstaat. Ga als dat nodig is dichter bij de microfoon staan. Praat recht in de microfoon of praat harder.
  5. spreek langzaam en duidelijk, met nadruk op kernwoorden. Let op punten en komma’s. Pauzeer kort bij een punt. Voorkom de neiging sneller te gaan lezen. Dat is altijd fout. Door sneller praten wordt je verstaanbaarheid slechter
  6. Als een lezing begint met “ Hij”  ( toen vertrok Hij, toen sprak Hij ) is het duidelijk dat je midden in een doorgaand verhaal ‘instapt’ , noem dan de naam die bedoelt wordt (David, Job, Jezus, Abraham etc)
  7. Lees nooit de titel boven een hoofdstuk en lees het woord “ sela”  in de psalmen niet.
  8. Probeer wat je voorleest als een film voor je te zien. Projecteer de beelden als het ware in je binnenste
  9. Let er op dat je niet bij elke komma of punt en zeker niet aan het slot van de tekst, de toonhoogte laat zakken.
  10. Spreek alle lettergrepen duidelijk uit. Breng rust in het lezen: in een kerk, met grotere akoestiek en een geluidsinstallatie is dat nog veel meer nodig dan in een huiskamer.
  11. Zet na de lezing de microfoon uit
  12. Wees je er van bewust dat je uit de Bijbel voorleest…dat het niet jouw woorden zijn, maar dat het Gods woord is dat door jou tot klinken komt. Heb eerbied voor de tekst die je lezen mag. Wees je er van bewust  dat tijdens jouw lezen het voor de Geest van God mogelijk is mensen te laten verstaan dat het woord van God leeft, ook voor hen...
­